dinsdag 19 januari 2010

Ampersandeconomie

Wellicht raak ik door het onderwerp wat gedeformeerd, maar bij mijn recentste bezoek aan Nederland leek menige koffiebar door middel van een ampersand een aanvulling in de naam te dragen die het geheel wil opkloppen met luchtige gedegenheid. Het gaat om gelegenheden als Koffie & co, Koffie & zn, Koffie & zo… Ik vermoed dat ze een vrolijke chaos willen creëren die toch, of vooral, rendabel blijkt. Zoals het fameuze programma Koffietijd van de piraat Veronica, waar tussen beeldregerende anti-establishmentstoestanden als Joost mag het weten ook de niet echt kinderachtige doelgroep van huisvrouwen werd bediend ‘met praatjes en gezellige rubriekjes’. Het programma was vanaf februari 1961 van Tineke, volgens de biograaf gezegend met ‘een stem die je verwelkomde als een beker warme chocola op een winterse namiddag’ (bij haar confrater Gerard de Vries hoort hij dan weer een ‘koffiebruine stem’).
Knap van zo’n aanvulling in de naam is dat de niche zich er minder in opdringt. Er zijn immers veel meer winkels voor gespecialiseerde koffie en gebak/koek/broodjes, die al te cru Company heten – in de lingua franca van de globalisering, wier legitimatie overuren draait. Ik veronderstel dat een bewuste consument daar net iets minder achteloos zijn Bourgondische leven tentoonspreidt.
Bestudering van de menukaart leert dat de winkels in de &-variant vaak een koffie hebben die naar henzelf is vernoemd. Als beschrijving wordt vervolgens een zeer minieme tip van de sluier opgelicht: ‘verrassing van het huis’. Menigmaal wordt bij de koffie dan ‘een likeurtje’ geserveerd. Ik vrees dat men in Vlaanderen ervan zal opkijken wanneer dit als een innovatie geldt – een beetje café geeft hier bij de koffie een advocaatje of tenminste een pinkglaasje met sterk door die drank aangegrepen room.
Als het koningskoppel koffie & drank ter sprake komt, vallen mijn gesprekspartners ruwweg in twee groepen uiteen: traditionalisten van veelal mannelijke kunne die aan cognac denken, en jongeren van veelal vrouwelijk kunne die met Amaretto geuren. Wanneer de wind goed staat lukt het me zelfs zonder te spieken nog wat varianten te geven, die soms naar een land, plaats of heilige zijn vernoemd.
Op veel ervaring terzake kan ik me, überhaupt meer serieel dan multitaskend, niet beroemen. Wel is bekend dat Herman Brood in zijn finale jaar, waarin talloze doktoren hem elke alcohol ten strengste ontrieden, ‘zware koffie’ dronk die hij Prinsesje noemde: naast de ‘Kahlua, met de nodige Grand Marnier, een scheutje Bénedictine, met een toefje slagroom erop’. Daarmee voerde hij een consequente politiek, omdat hij ook dol was op Long Island Iced Tea: ‘Thee? Nee, dat heb ik er tot op heden niet in mogen aantreffen.’
Uiteraard is dit soort dranken evengoed thuis te nuttigen; alleen al mijn buurtsupermarkt biedt steevast afgeprijsde, omgerekend niet erg goedkope maar kant-en-klare flessen Irish Coffee, Rum Coffee en Hasseltse koffie (met jenever). De inhoud hoeft nog slechts opgewarmd in een pannetje – of in de magnetron die dan wel anglicistisch microgolf heet. Gemakswerk, waarbij vergeleken bisschopswijn pure ironie wordt. Veel gedachten wijd ik er echter niet aan, omdat mijn aandacht sinds kort opgezogen is door een andere fles op die schap.
Paardenmelklikeur.
Inmiddels bezig ik de term zonder braakstuipen maar blijf door mysteries omwonden. Geeft een paard melk? Waar precies? Leidt vrijwillige inname tot prestaties op de lange afstanden? Voltooit alcohol het tot the nose of the salmon? Of wil de naam langs het politiek-metaforisch onbewuste bepaalde associaties verwekken, zoals studentenhaver en walvistraan dat doen?
Ondermaans surfen leert dat paardenmelk al eeuwenoud is en in andere beschavingen, wel op aarde, een elixer geweest is waar nu een taboe op rust. Van de likeurvariant, meer in het bijzonder uit witte merries, lustte Kublai Khan pap. Net als Olivia Newton-John?
In het negentiende-eeuwse Rusland werd deze alcohol ingezet tegen tuberculose. Inmiddels is ze uiteraard alom verkrijgbaar, dus ook op gespecialiseerde boerderijen waar de dieren minder gestrest rondlopen en het onderlinge contact zelfs bij slecht weer goed is. Desgewenst kan de likeur worden gebotteld in leuke paardenflessen, naar keuze zwart of wit, en in de smaken cocos of Baileys – ook drop, karamel, sinaasappel, banaan, honing, ananas, advocaat, mokka, amandel, truffel en natuurlijk koffie trokken als hoofdtoon op mijn scherm voorbij. De indruk rijst dat het product een nieuwe trend van consumeren én ondernemen aan het artisanale licht brengt, tussen gezond en exquise in. Uitgebalanceerd, deze ampersandeconomie! Dagtrips worden er naar dergelijke hoeves ondernomen, met gratis proeven en bij één organisatie vervolgd door een ‘koffietafel met kroket’.
Zelf heb ik geen plannen eraan te beginnen. Maar als ik dat doe, dan gelijk in de alcoholische variant, ter desinfectie van het pure: ‘Het is belangrijk dat de melk elke dag gedronken wordt (opbouwen met 4 dagen een half potje te drinken). De eerste weken kan men ongemakjes voelen, meer uitslag of gerommel in de darmen. Daarna afbouwen (4 dagen een half potje te drinken), nooit van de ene dag op de andere stoppen. Het is belangrijk dat je geen enkele dag overslaat.’
Wellicht kan het ook door de koffie geroerd, opdat het ouderwetse reclamewoord vlees wordt: ‘de koffie staat bruin’.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen