maandag 16 september 2013

Not bombs


Het zogeheten sextremisme van Femen was afgelopen week in Nederland een omslagverhaal. Hier in België ging er, met hetzelfde doel, een journaliste vier maanden voor undercover. Deze methode van kennisvergaring associeer ik met vervlogen tijden, in het bijzonder met Günter Wallraff, en wordt inmiddels met oxymorons als ‘het ware verhaal’ en ‘de achterliggende feiten’ verkocht. Met Femen kan zo’n belofte tellen. Op het omslag in Nederland stonden de blote borsten frontaal, op dat van België waren ze een belofte vanuit een diep gedecolleteerde rug.
Voor de goede orde: het breaking news over het in Oekraïne gestichte vrouwenfront – dat een man daar de scepter zou zwaaien – was een week voordien gekomen uit het filmfestival van Venetië. Undercover is gebleken dat de afdeling België die, na de scoop en teleurstellende reacties erop van het hoofdkwartier, per Facebook opgeheven werd met de wens Vive la Révolution, geen ballotage houdt op borstesthetiek. Over het recept van dat broodje aap heeft de journaliste wel een nuchter idee: ‘Vrouwen met ideale maten hebben vaak minder schroom om hun lichaam te tonen’. Grappig dat de activisten leren uitgesproken agressief te kijken, terwijl het adagium is: Boobs, not bombs. Voor elk project moet toestemming komen uit het hoofdkwartier. Spandoeken hebben gestandaardiseerde groottes en dienen op dito wijze aan de pers te worden getoond.
De journaliste ondervond dat borsten affiches zijn. De tekst op haar vlees was Naked war. Voor mij klinkt het tweede woord heftiger dan het eerste, maar de definitie van sextremisme blijkt: ‘uiting van de superioriteit van de Femen-activistes ten opzichte van de slechte honden van het patriarchaat’. Zoiets schept in het luxe Westen een wereldbeeld dat herinnert aan andere decennia. De dames dragen zelfgemaakte bloemenkransen op hun hoofd.
Alle aanleiding om de draak te steken met het fenomeen Femen? Ik weet het niet. Het roept automatisch tenminste halt aan een voortgaande praktijk door de vraag te stellen: wie zijn ‘wij’ eigenlijk? Zo wordt er iets ondernomen in en tegen een tijd of cultuur die maniakaal is met recapitulaties van zoveel jaar geleden gebeurde zus, zoveel decennia zo. De houding die daaruit voortspruit, nam Friedrich Nietzsche al onder vuur in Over het nut en nadeel van de geschiedenis voor het leven en noemde hij de historische ziekte (van de negentiende eeuw, dus).
Vanachter het bureau stel ik vast dat zowel actievoeren als undercoverjournalistiek in het teken staat van de handeling, om idealiter geboorte te geven aan een rechtvaardige daad. Garantie daarvoor bestaat niet, besefte ook Nietzsche, ongenadigheid ligt zelfs meer in de rede, maar niet alles hoefde van hem uit een zuivere bron van kennis voort te vloeien. Dat wekte een moraal in de hand van ‘Gij zult niet’ en ‘Gij had niet mogen’. Kennis van de beschaving, van het verleden, zou indirect zijn, nooit geabstraheerd uit de onmiddellijke aanschouwing van het leven.
Onnavolgbaar bij Femen is uiteraard dat de actievoersters zelf werktuig lijken. De gijzeling van het vrouwelijk lichaam door het patriarchaat wordt minstens op homeopathische wijze bestreden. Marketing, of zoals de wereldberoemde dichter zegt: ‘Bukshag, platzak, / tiet met aandelen’? De groepsleden moeten veel vernedering doorstaan, fysiek bij hun acties en mentaal op sociale media, en lopen kans hun baan te verliezen indien de dienstdoende baas vreest voor imagoschade.
Het zou flauw zijn bij Femen te spreken van onthullingen. Ik realiseerde me wel dat juist deze topless activisten nagenoeg geen contouren hebben. Nog altijd niet, vrees ik. Dat ligt anders bij een collega die hun grootmoeder had kunnen zijn, en van wier privéleven zoveel bekend is dat de voyeur in mij de vlag strijkt.
Concepcion ‘Connie’ Picciotto was afgelopen week ook in het nieuws, toen ze, nadat een goedbedoelende vietnamoorlogtraumaticus haar honneurs onvoldoende had waargenomen, terug mocht naar haar tentje dat ze al tweeëndertig jaar voor het Witte Huis heeft opgeslagen. De staat van die tent, ‘a sheet of plastic draped over a patio umbrella and secured with binder clips’, laat ik liever onvertaald, mede omdat het hoe en waarom van deze vredesactiviste is uitgeduid zonder dat daar undercovering voor nodig was.
Hoe verhouden zich bij haar na al die jaren ervaring en abstractie? Ik kan me indenken dat ze in ogen van menigeen haar leven verpest heeft, of dat ze te veel verleden betrekt in haar pertinente veroordelingen van het politieke heden, maar is dat dan cultuur als decoratie in nietzscheaanse zin?
‘Vergelijk de hoogte van je kennen maar eens met de laagte van je kunnen.’ Wie te rade gaat bij de geschiedenis, heeft niet alleen onvoldoende zelfvertrouwen, maar is voor Nietzsche ook een toneelspeler uit bangigheid. Schijndeugden staan een zedelijke natuur (cursivering van hem) in de weg. Bovendien claimt dan de eigen tijd, als culminatiepunt van een behaagziek uiteengerafeld proces, het gelijk dat zelfs ‘objectief’ heet. Zo'n historisch besef ontmoedigt. Het ontwortelt met al zijn voorspiegelingen de toekomst, omdat het van illusies berooft. Een quarantaine doemt op.
Save the children’, bezwoer Marvin Gaye, onwetend nog van de bloemen in het Femen-haar. En al is het onderwerp kind bij Picciotto zonder meer wrang en heeft ze haar hoop gesteld op antwoordbrieven van respectievelijk Reagan, Bush sr, Clinton, Bush jr en Obama, dát ze er als een Penelope op wacht mag een bewonderenswaardig succes heten. Zeker in vergelijking met het lustrum sinds de tuimeling van Lehman Brothers waarin bankiers onophoudelijk op hun perfiditeit zijn gewezen, vanaf een stoel.
Overigens klaagt Over het nut en nadeel van de geschiedenis voor het leven de legbatterijen der wetenschap aan. Met kunstmatige middelen kan de geleerde dan wel sneller broeden, het ei wordt er steeds kleiner van, ‘ofschoon de boeken steeds dikker’. Nietzsche hoont zelfs het populariseren, en stelt dit gelijk aan infantiliseren en, hallo, feminiseren.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen