vrijdag 16 augustus 2013

Ulrike (4)

Commercieel lijkt het een kamikaze, de biografie door Otto van de Haar zo kort na die van Jutta Ditfurth. De geportretteerde heet Ulrike Meinhof. Ooit was zij heet nieuws, getuige Komrij in Horen, Zien en Zwijgen: ‘Het journaal. In Duitsland zijn zes bananenschillen gevonden op de openbare straatweg. De politie zegt in de stellige overtuiging te verkeren dat er direct verband bestaat tussen deze vondst en de zelfmoord van Ulrike Meinhof, een maand geleden. Ook de ontvreemding van een herenpolshorloge en de hartaanval van een honderddriejarige Köllnerin worden door de politie in verband gebracht.’
Van de Haar laat zien dat zelfreinigende satire geen constante is geweest. Dat bleek al uit Theater van de angst. De strijd tegen terrorisme in Nederland, Duitsland, Italië en Amerika, de studie waarmee Beatrice de Graaf de Rote Armee Fraktion, annex de Baader-Meinhof-Groep, helder terugbracht in het collectief geheugen. Vervolgens was Meinhof een van de door haar geportretteerde Gevaarlijke vrouwen. Dat boek ken ik nog niet, maar door De Graafs verfrissende bijdrage aan Zomergasten kwamen er al wat schichten over voorbij.
Elke toelichting komt van pas, omdat geweld van alle tijden is. Helaas demonstreert de toestand in Egypte ook dat het van elke partij kan komen. Wanneer wordt het ‘terroristisch’? Dat stempel heeft busladingen theorie met zich meegebracht. Tegelijk wordt van alles en nog wat ‘terroristisch’ genoemd. Omdat de homo sapiens van vlees en bloed is? Ik vond het mooi dat De Graaf opbiechtte aan Gevaarlijke vrouwen te hebben geschreven in zwangerschapsverlof, wat haar oordeel over Meinhof op een voorspelbaar punt had beïnvloed. Dan nog zal het minder resoluut zijn dan wat de ronde doet.
Van de Haar gaf aan zijn biografie de titel Terroriste voor een betere wereld, refererend aan de oerfrictie tussen doel en middelen, tussen geloof en praktijk. Inmiddels lijkt dat geen kwestie meer, omdat die praktijk middelen geopenbaard heeft die geen enkel doel zou heiligen. Ik verdraag het niet goed dat er, gorgelend met het badwater van haar tijdvak waarvan je mag geloven dat op klaarlichte dag je achterhoofd leeggeroofd kon worden, vanzelfsprekende minachting regeert over Meinhof. Temeer daar die reflexen ook iets zeggen over het huidige bestel.
Destijds was ‘intens’ meer dan een woord. Er was een debat. Bovendien werd het, niet tot algemeen genoegen, op grondslagen gevoerd. Zoiets komt in het hedendaagse intellectuele klimaat niet van pas. Het is er te competitief voor. Efficiency is geboden, evengoed in literatuur. Lawrence Sterne mocht zich erover hebben verbaasd dat in de salon van Baron d’Holbach philosophes met elkaar konden omgaan zonder te bijten en te krabben, tegenwoordig ondergaat elkeen de gevolgen van een trechtermodel. Er zijn onnoemelijk meer auteurs dan plaatsen die boekhandels en media te vergeven hebben. Binnen die competitie worden de twee meest beoefende sporten meelopen en wegkijken.
Het grootste verschil is misschien dat de RAF evengoed netwerkte, maar dan in het negatieve en met een collectief doel. Potentiële medestanders werden gewogen en dikwijls te licht bevonden. Wel golden ze nog als niet-zwijnen. Het blijft schrikken dat de RAF symboolslachtoffers à la Hanns Martin Schleyer ten gronde minachtte. Verweet de pot de ketel zo niet dat hij zwart zag? De revolutionairen trachten een doorbraak forceren in hiërarchische verhoudingen en onrecht, en mikten daarbij op de elite. Daarbij wilden ze voorkomen in dezelfde val te tuinen als hun ouders (meer dan eens is opgemerkt dat Meinhof hetzelfde kapsel had als de iconische verzetstrijder Sophie Scholl). De invloedrijke Schleyer mocht dan van de NSDAP en de SS zijn geweest, legitimeerde dat een nazibehandeling? Er zit iets irritants aan de treffendheid waarmee ten tijde van diens ontvoering bondskanselier Schmidt de RAF aanduidde als ‘elite’ die meende dat de te verheffen massa aan haar kant stond.
Hoe viel Schleyer als ‘minderwaardig’ te beschouwen? Gerard Reve schreef ooit in het verhaal Haringgraten over een man die niet te stuiten weerzin opriep door een manier van eten, maar de haat die hier regeerde was, afhankelijk van het standpunt, veel gratuiter of beginselvaster. Behalve griezelig komt deze werkelijkheidsbenadering duizelingwekkend consequent over, wat volgens mij iets anders is dan een veelgenoemde eigenschap als rechtlijnig (en van daaruit: humorloos, onsexy). Wat voor een onwrikbare wil moet aan consequent handelen ten grondslag liggen?
De gruwel van de detentie in de Stammheimgevangenis, zo’n vier decennia voor Bradley Manning kennismaakte met een verwante zede, is vaak uitgemeten, en door Gerhard Richter, op basis van krantenfoto’s, geschilderd in een reeks die op zijn beurt is bedicht door Dirk van Bastelaere. Toch blijft het indrukwekkend te lezen dat RAF-leden bij hun hongerstaking werden gevoed op een wijze die doet denken aan ganzenleverbereiding: vastgesnoerd kregen ze door hun keel een slang die tot in hun maag liep. Meinhof wist zelfs die behandeling voor binnengepompte voedingsstoffen meteen te neutraliseren, met een vinger in haar keel. Hoewel zelf behept met oudtestamentische aandriften, meen ik dat het een understatement is hier te spreken van een zogeheten pittige tante.
Co-naamgever van de groep, Andreas Baader, verloor in de gevangenis echter amper gewicht. Hij zou dermate pragmatisch in de omgang met (via advocaten gesmokkeld) voedsel geweest zijn dat de vergelijking met het historische prototype van Rousseau opdoemt: zelf zogenaamd immer principieel, perfide anderen nooit. Het populaire oordeel hypocriet lonkt al. Toch was er, voor de volledigheid, nog een realiteit, die Van Bastelaere opgetekend heeft:

Andreas Baader, Wat vermag
een mens tegen de staat
die met een latex vinger zijn lichaamsholten inspecteert?


Een bizarre, seksistische optie is dat vrouwen beter tegen vernedering bestand zouden zijn? Zacht gezegd koppig betoonde zich nog een vrouw, uit het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina, bij de kaping van het Lufthansatoestel die vrijlating van de RAF-leden wilde afdwingen. In Mogadishu gewond weggedragen op de brancard hield ze, enige overlevende van vier terroristen, voortdurend een arm omhoog, met de vingers in een Victory-teken.
En dichter bij huis ontpopte zich een baas boven een baas, zelfs voor Meinhof.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen